home      béatrice boucher      consulten      cursussen      lezingen & workshops      artikelen      links

Melkweg

Sterren en Mensen
Galactische Astrologie en
Hemelse Mythen

© door Robert et Francine Gouiran

vertaling Beatrice Boucher '09 met de vriendelijke
toestemming om te publiceren op deze site

 

Galactische Astrologie

 

De Ecliptica is de denkbeeldige jaarlijkse baan van de Zon aan de hemel, een baan die de andere planeten ook volgen zonder er veel van af te wijken. Deze baan van beweeglijke hemellichamen profileert zich tegen een hemel bezaaid met sterren. De gebruikelijke verdeling in 12 tekens, alle gelijk aan 30 graden, berekend vanaf het punt waar de Zon zich elk jaar bevindt tijdens de lente equinox (genaamd "Lentepunt" en tevens 0 graad Aries aangevend) geeft ons de dierenriemtekens volgens de Tropische Zodiak, omdat deze verdeling gebaseerd is op de seizoenen. Maar we weten dat deze Zodiak langzaam tegen de richting van de tekens langs de hemel van vaste sterren beweegt, volgens de precessie van de equinoxen, zodat hij een volledige ronde maakt in 26000 jaren.

 

Om deze beweging teniet te doen, kunnen we de ecliptica anders indelen en haar verdelen in 12 gelijke sectoren van 30 graden, maar dan in sectoren die vast zouden moeten liggen tegen de hemel van vaste sterren. Door deze nieuwe verdeling een startpunt te geven die vastgeklonken is aan deze sterren, krijgen we een Sterren-Zodiak die definitief gebonden is aan de sterrenhemel, en dus aan de Melkweg, die de verzameling is van al deze sterren. Vandaar de naam Galactische Zodiak, of Sterren-Zodiak, of Zodiak van de Constellaties (*) , die we aan deze onbeweeglijke verdeling hebben gegeven. We vermijden het, deze zodiak Siderische Zodiak te noemen omdat men onze benadering zou kunnen verwarren met die van de sideralisten, waarvan we ons willen onderscheiden, omdat de benaderingen niets met elkaar gemeen hebben. De Galactische Astrologie zoals we die hier zullen presenteren is eenvoudigweg een nieuw hoofdstuk in de klassieke astrologie, maar vervangt deze niet.

 

De Melkweg

 

De meeste vaste sterren maken deel uit van een gigantische verzameling van sterren, onze Melkweg, waar ons zonnestelsel in ligt. Deze sterrenfonkeling heeft de vorm van een enorme platte schijf en wij bevinden ons aan de rand van een van de armen van deze gigantische spiraal. We kunnen daarom ons sterrenstelsel alleen waarnemen via haar platte kant die zo in de hemel een spoor van sterren vormt, die we de Melkweg noemen, want het vertoonde ooit gelijkenis met een spoor van goddelijke melk die uit de koninklijke borst van de echtgenote van Zeus, meester van de Olympus, vloeide. De Melkweg is dus het spoor van het vlak van de galactische schijf die we "het galactisch vlak" noemen.

 

Door een lichtgevende cirkel in de hemel te tekenen, verdeelt de Melkweg deze in twee delen: deze dun gepointilleerde lijn van licht geeft een oriëntatie aan het hemelgewelf en kan zo gebruikt worden als vast referentiepunt voor de eeuwigheid (door tijdelijk de beweging van de vaste sterren, die zeer langzaam is, te verwaarlozen). Door onze 'Galactische Zodiak van vaste sectoren' te laten starten daar waar de Ecliptica en de Melkweg elkaar kruisen, ontstaat een vast ijkpunt voor een definitieve en onbeweeglijke Zodiak aan de sterrenhemel.


De Galactische Astrologie is de astrologie die zich baseert op een nieuwe verdeling volgens deze cirkel van vaste sectoren; deze onbeweeglijke sterren-Zodiak, de Galactische Zodiak, geijkt en in relatie tot ons sterrenstelsel uitgebeeld door de Melkweg, wordt betrokken op de klassieke Tropische Zodiak, terwijl beide systemen om elkaar heen draaien. Toegepast op de geboortehoroscoop zal de galactische astrologie ons een parallelle uitbeelding tonen van de denkbeeldige bestemming, een innerlijke projectie, permanent en onwankelbaar zoals de kosmos.

 

Deze vaste sterrenzodiak wordt geïllustreerd door een serie constellaties die beladen zijn met verre mythologieën en verbeeldt dus, [op filmische wijze] de oude hemelse mythen die een cirkel vormen die in zichzelf gesloten is. Dit is de reden waarom het begrip en de toepassing ervan noodzakelijk samen moet gaan met een studie van deze mythen.

 

Het Galactische Centrum

 

Gelukkig hebben we een precies punt dat ons mogelijk maakt het kruispunt tussen het galactische en het eclipticale vlak vast te stellen. Het gaat om het centrum zelf van de Melkweg, waargenomen op duizenden lichtjaren afstand door machtige radio-telescopen, een fantastische bron van energie, onzichtbaar voor het blote oog - misschien een van deze mysterieuze en duizelingwekkend zwarte gaten die in staat zijn energie-materie te absorberen en uit te zenden d.m.v. geweldige kosmische uitbarstingen. Toevallig, vanaf de aarde gezien, staat dit vaste galactische centrum bijna op de ecliptica op 26°34' Boogschutter van de dierenriem voor het jaar 2000, met een breedte van 5°55'. Dit meetpunt beweegt door de dierenriemtekens met dezelfde snelheid als de precessie van de equinoxen (een graad per 72 jaren).

 

We kunnen nu de ecliptica, het pad van de planeten, lokaliseren in deze kosmische structuur. In een eerste benadering, plaatsen we het dalende kruispunt tussen de ecliptica en het galactische vlak (waarvan de schijf door de Melkweg wordt uitgebeeld) op de lengte van het Galactische Centrum, en dus op 26°34' Boogschutter (we geven hier alle waarden voor het jaar 2000), en het rijzende kruispunt ertegenover op 26°34' Tweelingen. Deze twee punten zijn de mythische poorten van de wereld, van het hiernamaals, want de Melkweg werd beschouwd als het pad van de doden zielen, als een kosmische ladder die leidde naar het ''paradijs Hyperborea'', gesymboliseerd door de Noordpool, het enige vaste punt waaraan de aarde zich vastklampt (ongeveer 6000 jaren geleden stond de Noordpool bijna in de Melkweg); het rijzende kruispunt open om ernaar toe te klimmen, het dalende kruispunt om erin neer te dalen.



kwartslag draaiing van de melkweg door de dierenriemtekens in drie tijdperken (6400 jaar)

gebruikte terminologie
Voie Lactée = Melkweg = Galaxie
PE = Pool Ecliptica
PN = Noord Pool Aarde
PG = Galactische Pool
CG = Het Galactische Centrum



Op deze wijze zien we het deel van de ecliptica dat loopt van 26°34' Tweelingen tot 26°34' Boogschutter boven het Galactische vlak, dus in Noordelijk Galactische Declinatie, terwijl de andere helft zich onder bevindt, dus in Zuidelijke Galactische Declinatie. Het punt op de ecliptica het diepst onder het Galactische plan, "de Buik van de Galactische Declinaties" is logischerwijze het onderste midpunt halverwege de twee poorten, dat voor het jaar 2000 26°34 Vissen is. Het is deze afgrond, dit diepste punt van de diepten, daar waar de galactische breedte van de ecliptica het laagst is, net voordat hij weer gaat stijgen, dat het startpunt zal zijn van onze vaste Galactische Zodiak, een ring vormend van 12 galactische sectoren waarop de twaalf klassieke tekens van de Tropische Zodiak gaan schuiven. Vanuit astronomisch standpunt, bevindt deze ''buik'' zich in werkelijkheid 3 graden verderop, zoals we later nog zullen uitleggen, maar de hier aangenomen markering geeft de mogelijkheid om het Galactische Centrum te plaatsen op de exacte ingang van de (siderische galactische’ sector nr. 10.

 

De twaalf sectoren van het Galactische Zodiak, elk van 30°, genummerd van 1 tot 12, dragen hier de namen van de belangrijkste constellaties die we er in vinden, deze namen worden in het Latijn gegeven om ze te kunnen onderscheiden van de namen van de klassieke zodiakale tekens die in het Nederlands aangegeven zullen worden. Zo heet de onbeweeglijke [ie vaste] galactische sector nr.1 Pisces en deze wordt gedekt door het in beweging zijnde teken (tropische) Ram omdat het loopt van 26°34' Vissen tot 26°34 Ram. Hij zal het teken volledig bedekken over 140 jaren ongeveer, aangezien hij nog slechts 3 graden te gaan heeft voordat hij een exacte superpositie maakt. We moeten ons hier herinneren dat de sterren, dus de galactische sectoren, zeer langzaam lijken vooruit te lopen door de tekens volgens de directe beweging. Het teken voor Pisces, de laatste galactische sector nr.12, Aquarius, bedekt nu het Tropische teken Vissen, etc.

 

 


De mogelijke structuur van een galactische zodiak
De horizontale lijn geeft schematisch het galactische vlak aan --de Melkweg-- met de twee punten waar dit vlak de ecliptica snijdt (26°34' Tweelingen / Boogschutter). De twaalf sectoren dragen de Latijnse namen van de (vaste sterren) constellaties. De Dierenriemtekens die ze anno 2000 bedekken zijn symbolisch weergegeven.
(in geel de melkweg - bewerkt voor publicatie op de website)



Wat is Galactische Astrologie?

 

We waren zo vrij om wat uit te weiden over de relatie tussen de Galactische Astrologie en de geschiedenis, maar hoofdzakelijk gebruiken we haar voor de interpretatie van individuele horoscopen, dus in de geboorteastrologie.

 

We stelden vast dat de Galactische Astrologie een astrologie is die de Zodiak van de Sterrenbeelden als uitgangspunt neemt, een vaste zodiak die in 12 Galactische sectoren wordt verdeeld welke in relatie staan tot onze Galaxie, uitgebeeld door de Melkweg, een band die over de klassieke Tropische Zodiak draait, in een eeuwige maar trage rotatie.

 

Dankzij de betekenis van de mythen die gedragen worden door deze band, schenkt deze astrologie ons de beelden van een denkbeeldig lot, de uitwerking van een lotsbestemming, die we toevoegen aan de beelden die in de klassieke horoscoop te vinden zijn, niet door deze te wijzigen, maar door zich in deze in te lijven voor zover ze dat toestaan.

 

Eerst kijken we of er een ster op een van de hoeken staat op het moment van geboorte, vooral rondom de Ascendant en het MC (mits ze zich niet te ver van de ecliptica bevindt). Wel moeten we hierbij goed opletten, want we moeten de ster hebben die ‘’werkelijk’’ rijzend is op het moment van de geboorte. Om ‘’in werkelijkheid’’ samen te rijzen, is het niet altijd genoeg dat de ster dezelfde lengte heeft als de Ascendant, omdat hij met een eventuele hoge breedte toch op een ander moment zal rijzen. Om te weten of een ster op het moment van geboorte rijst op de Oostelijke horizon of culmineert op de Meridiaan, moet men berekeningen uitvoeren die we in een apart hoofdstuk verder zullen uitleggen.

 

De astrologische betekenis die aangegeven wordt door deze sterren-conjunctie wordt ons gegeven door de positie van de ster in de kosmische structuur van de galactische band, een betekenis die de mythologie helpt verduidelijken. De sterren hebben geen toevallige betekenissen, maar zijn dragers van een betekenisvolle samenhang die uit hun positie binnen de band van sterrentekens voortvloeit, d.w.z. uit hun plaats in de structuur van de astrologische kosmos.

 

Vervolgens zullen we de Maan als een essentieel merkpunt gebruiken in deze astrologie van het Onveranderlijke. Want in tegenstelling tot de andere planeten, is de Maan de enige satelliet die om de Aarde heen draait en dus de enige die we vast kunnen pinnen en vastleggen op absolute wijze in de sterrenhemel, zonder beïnvloed te worden door de beweging van de aarde. Het is vooral de galactische transit van de geboorte-Maan die het meest sprekend is. We kijken welke de twee sterren zijn die haar omringen op het moment van de geboorte, hun symbolen, de sterrenbeelden waarin ze zich bevinden en de betekenis van de - dan doorlopen - galactische sector. Hieruit kunnen we de sfeer van bestemming destilleren die de persoon voorziet van een visie op de dingen, op de wereld en op zichzelf, onveranderlijk en onafhankelijk van conjunctuur. Dit is een fraai en sterk beeld, permanent en definitief door het lot geprent in het hart van degene die onder deze geboortemaan-transits geboren wordt

 

De dynamiek van deze geheime innerlijke impressie, die hem op pad doet gaan van verleden naar toekomst, wordt aangegeven door de wijze waarop de Maan zich beweegt van een prenatale conjunctie met een bepaalde ster, gevoeld als het gewicht van het verleden, naar een postnatale conjunctie die een beeld van de toekomst symboliseert waar de persoon naar verlangt. Deze beelden van evolutie worden aangegeven door de Maan-transits langs de sterren en de galactische sectoren op het moment van de geboorte.

 

Met deze techniek zijn we in staat om dat te reconstrueren wat de Ouden de “Maanhuizen” noemden (of in oude termen de 'mansions', van het Arabische ''manzil''). De siderische verdeling van deze Lunaire Zodiak is door de tijd namelijk steeds onduidelijker geworden. De lijsten zijn vaag en vaak spreken ze elkaar tegen, de precessie van de equinoxen heeft een verwijdering van hun oorsprong veroorzaakt : vandaar de folkloristische en vaak banale beschrijvingen die praktisch onbruikbaar zijn geworden. Het beschouwen van de galactische sectoren en van de vaste sterren die we erin kunnen vinden, maakt het mogelijk, niet zozeer om de exact traditionele 28 Siderische Maanhuizen te reconstrueren, maar wel om in het specifieke geval van geboortehoroscopen, op z’n minst een <vanzelfsprekende> werkwijze te vinden die de astrale betekenis beschrijft van de progressieve maan door de hemel van de vaste sterren.

 

De Galactische geboorte-astrologie die we hier presenteren organiseert zich rond drie manieren van interpretatie:

  • het assimileren door de 12 zodiaktekens van de waarde van de galactische sectoren die hen bedekken op een zeker moment in de tijd,

  • de nauwkeurige betekenis van de vaste sterren wanneer ze zich op een specifieke plek bevinden in de geboortehoroscoop,

  • de verschillende betekenissen van de geboorte-Maan via haar transits door het veld van de sterren.

 

De mythologie in deze benadering

 


 


We kunnen hier niet om de mythen heen, omdat ze zich vanzelf aandienen en zich aan ons voorstellen. Door een verbazend toeval, passen de mythen die verbonden zijn aan de constellaties precies in de cirkel van galactische sectoren die we hebben ontcijferd. En deze vanzelfsprekende samenhang is misschien wel geen toeval. De betekenisvolle beelden bevestigen en rechtvaardigen deze gereconstrueerde band van de galactische dierenriem.

 

We hebben ontdekt dat, door ze eerst aan onze verbeelding te laten voorbijgaan, de astrologische invloeden al een zekere mythische vorm hadden aangenomen. De diepere essentie van de astrologie is van dichterlijke aard, omdat ze bliksemsnel binnendringt in dat gebied van de verbeelding dat de ware realiteit (werkelijkheid) van de Mens onthult. Mythen zijn tijdloos, omdat ze zich aanpassen aan de loop van de geschiedenis.

 

Het doorgronden van de betekenis van de galactische band loopt via de verhalende inhoud van de mythen die ermee verbonden zijn.

 

Deze mythen verduidelijken op eigen wijze de astrologische symbolen van de opeenvolgende zones aan de hemel, en passen in elkaar volgens de structuur die we hier presenteren. Door zo te kijken ontdekken we een buitengewone samenhang in de verhalen die op het eerste gezicht zonder relatie met elkaar lijken, en het is deze samenhang die de waarheid van de Galactische structuur openbaart.

 

Het gebruik van de mythologie in de astrologie moet zich losmaken van alle vormen van psychologiseren om de valkuil te vermijden dat de levensgeschiedenis van een mens wordt vastgelegd in een zelfingenomen interpretatie die aan de moderne tijd beantwoordt: het verhaal moet gewoon genomen worden zoals het is en voor wat het voorstelt, als een overblijfsel van de geloofsovertuiging van een bepaalde tijd en als een episch gedicht dat in staat is de geest van de mens te doordringen teneinde de geheime diepten te bereiken van het imaginaire dat hem in werkelijkheid motiveert.

 

Zeker, de mythen benaderen het kindersprookje en het zijn weerspiegelingen van wat de psycho-analytici verstaan onder de infantiele theorieën over de schepping, het leven, de dood, de seksualiteit, beelden van een kinderlijke primitieve oorsprong die, ondanks het schijnbaar toevallige en het onwerkelijke, vervolgens op onbewuste manier voortbestaan in de volwassen omdat die ze eens voor waar heeft aangenomen.

 

We hebben ontdekt dat de galactische zodiakale band een regelmatig heen en weer gaan beschrijft tussen vochtig en droog, tussen het Dionysische en het Apollinische, en dat we daar de geboorte en het verval van de goden aan konden aflezen. Wanneer we van mythische goden spreken, gaat het over een geloof in een veelgodendom, want de goden zijn slechts concepten en zijn dus imaginaire en subjectieve vormen van de gedachte. Maar deze concepten hebben een werkelijkheid in het domein van de ideeën, want het is op deze wijze dat de primitieve mens de krachten van de natuur en van de voorzienigheid zag, of de geheimzinnige aanvechtingen van zijn diepst wezen. De Galactische Astrologie gaat dus over de vrij dubbelzinnige relatie van de mens met zijn goden, dus van de mens die alleen is met zichzelf, tegenover het ondoorgrondelijke mysterie van het leven.

 

Dubbelzinnig, want we zullen onder ogen moeten zien dat het woord god het idee voorstelt dat de mens zich maakt van de levende krachten van de natuur, terwijl hijzelf ook deel is van deze natuur, en dus simpelweg een eigenschap van de ruimte is. De grote vraag, de machtige obsessie, is hoe te weten te komen of er ergens, al dan niet een verborgen en geheimzinnig lot bestaat, dat de drie schikgodinnen zouden weven in de diepte van duistere helse grotten.


Met deze werkwijze is er één struikelblok dat we moeten vermijden: het heeft te maken met de invloed van de mythologie die al a priori aan de dierenriemtekens is toegewezen, en de namen die de constellaties dragen die we niet letterlijk moeten nemen. Dat is overigens de val waarin de grote Kepler is gelopen (zie Kepler, Astronoom, Astroloog door Gerard Simon, ed. Gallimard), aan wiens astronomisch genie we niet hoeven te twijfelen, maar wiens relatie tot de astrologie tweeslachtig is. Hij ontkent de astrologie niet, maar weerlegt de platheid en de bijgelovigheid van de astrologen die alleen herhalen wat ze hebben horen zeggen. Kepler kan niet geloven dat de dierenriemtekens een betekenis zouden kunnen hebben, want, zegt hij, de constellatie Ram heeft niets te maken met het teken, haar vorm heeft niets te maken met het dier, noch het dier met het teken! Hij richt zich daarom op de planetaire aspecten die hij beschouwt als de enige juiste basis van de astrologie.

 

De vaste sterren worden niet verondersteld het beeld van een held wiens naam ze dragen te vertegenwoordigen: ze zijn slechts de lichtgevende tekens rondom zijn symbolische silhouet, zodat hij op deze manier is ingeschreven in dat hemelse gebied.

 

De mythologie die in relatie staat tot de tekens, is hoofdzakelijk van Grieks-Romeinse afkomst, en zo'n 2 of 3 duizend jaar geleden vastgesteld, tijdens een periode waarin de tekens samenvielen met de constellaties. Deze constellaties droegen daarom vaak dezelfde naam als de tekens die ze toend bedekten.

 

Toch zullen we op z'n minst vier of zelfs acht duizend jaar verder terug moeten gaan en ons beroepen op veel oudere, niet-Hellenistische mythen (Noorse, Babylonische, Egyptische, Arabische, ...) om te kunnen constateren dat de hemelse constellaties andere namen hadden en andere vormen, zonder dat ze verbonden waren met de tekens van de Tropische Zodiak. Zo kon bijvoorbeeld de Stier gezien worden als een Wagen met een koetsier, of als een ezelskaak, de Kreeft als een kribbe of een voerbak voor kleine ezels, etc.

 

Doorgeefluik

 

Het lijkt erop dat tijdens de Grieks-Romeinse tijd (d.w.z. twee tot vier duizend jaar terug) het volgende proces heeft plaatsgevonden: men gaf een naam aan de sterrenformatie die betrekking had op het dierenriemteken dat men op dat moment waarnam, én op de letterlijke betekenis van het sterrensegment. De naam en de mythe werden verweven en speelden op deze manier de rol van doorgeefluik, door de Galactische vaste waarden te projecteren op het tijdelijke teken dat er toen mee verbonden was, zodoende een brug vormend tussen de twee series van betekenissen, tussen de twee dierenriemen, de siderische en de tropische.

 

We moeten niet vergeten dat de mythologische namen die aan bepaalde delen van de hemel gegeven werden een reflectie waren van de, vaak religieuze of politieke, verlangens van een volk om lokale helden met dezelfde naam te eren.

 

In onze tijd, waarin inmiddels een verschil is ontstaan van bijna een teken (ongeveer 27 graden) tussen tekens en constellaties van dezelfde naam, lijkt het dat de astrale mythen die verbonden zijn aan de zodiaktekens eerder betrekking hebben op de astrologische betekenis van de Tropische Zodiak; tegelijkertijd dragen ze overblijfselen van de oorspronkelijke betekenis, die ontleend is aan de mythologieën van de (siderische) constellaties die de nieuwe (actuele) dierenriemtekens herbergen.

 

Bijvoorbeeld, de Taurus Constellatie lijkt meer op een Wagen dan op een Stier. Maar, omdat zij 2000 jaar geleden hetzelfde teken omvatte in de maand mei die gewijd was aan de Koe - Maan Godin, werd de verwijzing naar runderen benadrukt in deze zone.

 

Dit is zo gebleven tot aan onze dagen, zelfs nu de Taurus Constellatie het dierenriemteken Tweelingen bedekt. Maar we zullen zien dat ons actuele teken Tweelingen, omsloten door de Taurus-figuur, doordrenkt is van de Galactische waarden afkomstig uit deze siderische zone Waarden waarin we bepaalde oorspronkelijke betekenissen van deze galactische sector terugvinden, die naast het feit dat het een Stier laat zien, spreekt van een Lunaire Wagen met een vreemde koetsier met gewonde voeten.

 

Tijdens dit opmerkelijke over elkaar schuiven van mythen naar de sterrenbeelden die hen dragen, moeten we niet de uithollende werking van het bijgeloof onderschatten, waardoor de authenticiteit van de astrologische betekenissen kan worden ondermijnd. Want als we een ster associëren met een historisch figuur of met een tijdelijke gebeurtenis, zetten we een stap in de richting van het verboden terrein dat aan de ster een magie of een zekere macht toekent die een karakter of een gebeurtenis kan veroorzaken. Want dan zullen we moeite hebben om de astrologische authenticiteit te onderscheiden van de folkloristische chaos.

 

© Robert en Francine Gourian
Uit het boek: "Des Etoiles et des Hommes, Astrologie Galactique et Mythologie Celeste"
Ed. du Rocher, 1ste editie 1992, 2de editie 2000.



Korte bio
van deze zeer inspirerende en helaas voor Nederland onbekende astrologen. Robert en Francine Gouiran zijn twee Zwitserse astrologen die samenwerken sinds 1974. Ze zijn de stichters van 'la Société Astrologique Romande', leraren en lecturers. Francine was de organisator van de jaarlijkse congressen in Geneve in haar functie van presidente van de "Mouvement Astrologique de Suisse Romande". Robert, ings en drs-es-sciences heeft een technische en wetenschappelijke carrière achter de rug, o.a. in de nucleaire fysica en bij CERN in Genève. Beiden zijn diepgaand betrokken bij de astrologie en onderzoeken haar vele terreinen: traditioneel, wetenschappelijk, psychologisch, filosofisch, genezing en spiritueel. Ze zijn auteurs van diverse boeken en van artikelen gepubliceerd in verschillende astrologische revues waaronder l'Astrologue, Infosofia en 3*7*11.

 

--
NOTEN

* deze uitdrukking is niet helemaal correct, omdat de oude ecliptische constellaties geen dierenriem vormden; er was geen relatie tussen tekens en constellaties die uit meer dan 12 bestonden. Het is pas veel later, ongeveer tijdens de 5de eeuw n. Chr., dat deze cirkel van constellaties in 12 sectoren werd verdeeld, zodat ze samen zouden vallen met de zodiakale tekens uit die tijd. Daarom zullen we eerder spreken van een Galactische Zodiak en van een cirkel van constellaties wanneer we dit tweede wiel in beschouwing nemen.